‘Ja hallo? Ja, ik bel toch maar even. Er loopt hier namelijk een lieveheersbeestje op de vensterbank met een mank pootje. Nee, gewoon zo’n rode met zwarte stippen. Hoe oud? Wacht, ik tel ze even…. Het zijn er zeven. Zeven jaar. Maar ze loopt eigenlijk niet, ze hinkt. Eén beentje is een beetje geknakt. Nee, de verkeerde kant uit. Ik denk dat ze pijn heeft. Nou, volgens mij hoor ik een kreun. Ja, wel een kleintje. Een kreuntje. Oh, dan komen jullie niet?’

Ik wandel langs de Rotte. Rechts naast het pad ligt een vogel in het gras te ontspannen, zo lijkt het. De naam dringt zich niet meteen aan me op. Een dikkertje. Een zwarte ovale zonder staart met een wit snaveltje en grote voeten met lange tenen. Eén vleugel ligt wat raar en hoewel ik vlak langs loop verroert ze zich niet. Mijn aanwezigheid noopt haar ertoe voorzichtig te zijn: ze hipt wat opzij. Ik kom te dichtbij. In het korte moment dat ze omhoog komt zie ik dat één voet slap hangt. Het heeft ook niet meer de grappige grijze streepjes van de andere voet maar is grijs, nat en verfomfaaid. Mijn hart breekt ter plekke met veel kabaal in duizend stukjes.

De vrouw van de vogelopvang filtert dit geroutineerd uit de toon van mijn telefonisch verslag. Ze klinkt ongeduldig. Vermoedelijk worden zij vaker gebeld met niet al te urgente kwesties, zoals een kever met geknakt beentje. Misschien moet ik gaan huilen zodat ze komt.

Ik google op ‘werken in het buitenland, zwerfdieren’ en heb meer resultaat als ik google op ‘werken in het buitenland, zwerfdieren, voor nop, erbarmelijke omstandigheden en pas op voor overdraagbare schurft’. Het lijkt me zeker wat om het denken en beslissen een tijdje achter te laten. Het wikken en wegen in dit loopbaantraject. Wat vooralsnog weinig loopbaan lijkt, maar veel traject. Handen in de drek, kaplaarzen aan, lunch aan een oude gammele tuintafel met modder onder mijn nagels in een walm van natte honden. Als ik het leed aan kan. ‘I limp along like so many of us do’ (Leonard Cohen). Ik veeg het zweet van mijn voorhoofd en weet eigenlijk wel dat er veel meer gebeurt dan dat. En is dat mijn vacht die daar zo glanst?

Een waterkip. Nu weet ik het weer. En ze pikte gewoon naar gras. Totaal niets aan de hand eigenlijk.

Simone van Maurik

Geef een reactie

Je email adres wordt niet gepubliceerd. Required fields are marked *

Post comment