“Wèèèèl that’s the thing and it’s like…”

“And I’m like..”

“I think I see it’s like..”

“I feel a lot less insecure, I’m just like..”

“I thought you were like..”

”It’s like..”

“Cause there are a lot of North-Americans, it’s like..”

“Oh my goodness one time we were in a train..”

“It’s like…”

De rugleuningen van de treinstoelen verbergen twee meiden. Misschien dragen ze een skinny low waist spijkerbroek en zijn de plekken naast hen volledig bezet met grote tassen, sjaals en inkopen uit de stad. De hip vormgegeven papieren tasjes hebben hengsels van touw.  Het zilveren vloeipapier puilt overdadig over de rand. De tasjes zijn alleen te dragen in de holte van de elleboog, de onderarm omhoog, de hand sierlijk naar binnen gebogen.

Ze hebben lange nagels, gelakt in zoete kleuren en hun blinkende witte gympen liggen op de bank tegenover. Nog net zie je randje enkel met bruiningsspray. Zorgvuldig hun nagels sparend toetsen ze met opgeheven pink druk kletsend een appje. De hoesjes van hun mobieltjes zijn in glitters gedoopt en ze kruimelen overdadig met de roze koeken. De verpakking ligt op de grond. Ik krijg zin om een ets van dit beeld te maken. 

‘De opdracht brengt tevens de ambitie met zich mee deze actuele ontwikkelingen – veelal in het domein van de crossovers – op al even innovatieve wijze te dissemineren, onder meer op basis van de reeds ontwikkelde (digitale) kanalen. Het betreft het versterken van de reeds geïntroduceerde formats op het terrein van audio- en beeldproductie en het optimaliseren van het zogeheten digitale huis ter ondersteuning en archivering van het digitale discours. Je draagt vanuit de kennis bij aan de articulatie van beleid en van de meervoudige identiteit van het instituut.’

Ik knipper met mijn ogen. Dit is een vacature tekst. Mijn hersens kunnen er niets mee, hoewel ik mijn best doe. Ik verbeeld me de schrijver, het puntje van de tong ijverig uit de mond, de kleding onberispelijk om het lijf gevouwen. Op een wit bordje ligt de lunch. Een prijzig broodje, het oppervlak bezaaid met 15 soorten pitten en belegd met paté van gojibessen. Tegen de flank leunt een plukje geraspte gele wortel, glanzend besprenkeld met ahornsiroopdressing. En dan stopt de associatie. De tekst heeft hem doodgeslagen. Ik weet niets meer. Mijn ideeën liggen in scherven op de grond. Ik krijg geen zin om te reageren.

Simone van Maurik

Geef een reactie

Je email adres wordt niet gepubliceerd. Required fields are marked *

Verwijder formulierToevoegen